Eigendomsaanhaling

Een Vorstelyck Huys

De basis wordt gelegd in 1744 door het bijeenvoegen van 3 woningen op de Meir: Drij Caukens, De Korenblomme en De Keirskorff.

“Vorstelycke” woning in 1745-50 als particulier hotel opgetrokken door koopman Johan Alexander Van Susteren, heer van ‘s-Gravenwezel (1719-64), naar ontwerp van de succesrijke Antwerpse architect Jan Pieter Van Baurscheit, de jonge (1699-1768), die eveneens de interieurs grotendeels ontwierp en bemeubelde.

In 1764, na de dood van de opdrachtgever, reeds in handen van J. B. de Fraula, die de stallingen liet aanbouwen en de tuin aanleggen.

Naderhand in bezit van de familie de Roose-van de Werve.

Quartier Impérial d’Anvers

In 1811-1812 werd het mooie hotel, inclusief het meubilair, aangekocht voor Keizer Napoleon. Antwerpen was immers een van de belangrijkste militaire havens van het Franse Keizerrijk en Napoleon wenste er regelmatig te verblijven.

Onmiddellijk maakte de keizerlijke architect Pierre Fontaine (1762-1853), schepper van de Empirestijl, plannen voor de inrichting van het Quartier Impérial d’ Anvers. Het exterieur veranderde nauwelijks, het interieur werd aangepast, vooral op de eerste verdieping. Daar werd een Suite van ontvangstsalons ingericht met aan de tuinkant de keizerlijke appartementen.

De Parijse decorateur en keizerlijk hofleverancier Darrac leverde de interieuraankleding gaande van wandbekledingen en gordijnen over behangpapier tot spiegels en meubilair. De inventaris opgesteld in 1814 geeft een duidelijk beeld van de rijkdom van dit empire-interieur en zijn meubilair meestal van Parijse makelij: stoelen, tafels, hemelbedden, kasten en commodes in acajou, pendules in verguld brons, kristallen luchters en wandlichten. Een belangrijk deel bleef bewaard.

De oude 18de eeuwse salons op het gelijkvloers kregen een opfrisbeurt: Ces pièces d’un goût ancien ont été restaurées avec soin …, elles offrent beaucoup de richesses.

Koninklijk Paleis

Napoleon zou echter nooit in zijn Antwerpse residentie verblijven want in 1815 kwam het land onder Hollands bewind. Het gebouw met zijn keizerlijk meubilair werd als paleis ter beschikking gesteld van koning Willem I, die er net zoals zijn zoon, de Prins van Oranje, herhaaldelijk verbleef. De prachtige en volledig bewaarde Zaal der 17 Provinciën op de eerste verdieping naar een ontwerp van de directeur van de Academie, Mathieu Van Bree, herinnert vandaag nog aan de Hollandse tijd.

Palais National d’Anvers

Tijdens de overgang naar het Belgisch bewind was het Koninklijk Paleis een speelbal in de machtswisselingen. In oktober 1830 werd het gedurende een maand de zetel van de bijzondere regeringsmacht over de zuidelijke provincies, daarop werd het ingenomen door het Voorlopig Bewind. In maart 1831 poogde generaal Van der Smissen vanuit dit paleis het Nederlands bewind te herstellen met de hulp van de Engelsen. Tevergeefs want er werd een nieuwe regent aangesteld, Surlet de Chokier, die door de bevolking het paleis werd binnengedragen onder geroep: “Leve de Regent, leve de Belgen, leve de Vrijheid”. Het paleis was nu “Palais National d’Anvers”.

De Belgische vorsten gebruikten het voornamelijk voor de ontvangst van buitenlandse gasten. In het vooruitzicht van de 75-jarige onafhankelijkheid van België (1905) liet koning Leopold II grondige verbouwingswerken uitvoeren om de allure van het paleis nog te vergroten. De oude Salons op de eerste verdieping aan de kant van de Wapper werden afgebroken voor de huidige grote spiegelzaal en er werd een verbindingsgalerij gebouwd tussen de zijvleugels aan de tuinkant. Tevens liet hij een prachtige nieuwe leuning voor de trap smeden, alsmede een hek aan de straatzijde

Koning Albert I was in het Paleis bij zijn Blijde Intrede in 2912 in Antwerpen en verbleef in het Paleis bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in 1914. (video)

Koning Boudewijn maakte er haast geen gebruik meer van. Hij was de laatste vorst om op het balkon van het Paleis op de Meir het volk toe te zwaaien. De jonge Boudewijn in 1952 bij zijn intocht van de Provincie Antwerpen – Video Intocht

Antwerpen – hoofdstad van België
Net geen twee maanden: zo lang was Antwerpen de hoofdstad van België tijdens de Duitse aanval in de 2e Wereldoorlog. Vanaf 19 augustus 1914 verbleven de koning en de regering in de metropool. Brussel was onverdedigbaar geworden na de inname van de forten rond Luik. Minister van Oorlog Charles de Broqueville maakt het zich met zijn kabinetspersoneel gezellig in de Stadsfeestzaal. De Kamer van Volksvertegenwoordigers krijgt de Opera toegewezen, de Senaat de Vlaamse Schouwburg – waar nu de Theaterbuilding staat. Ook andere statige gebouwen worden opgeëist: zo betrekt het Ministerie van Buitenlandse Zaken het Atheneum van Antwerpen en kan de Kroonraad (koning, ministers en ministers van staat) vergaderen in het toenmalige Grand Hotel – later de Studio Herman Teirlinck. Het vorstenpaar logeert in het Paleis op de Meir. Maar op 10 oktober was het voorbij: burgemeester Jan de Vos tekende de overgave van het zwaar beschoten Antwerpen.

Paleis op de Meir

Op 19 december 1969 werd de Antwerpse koninklijke residentie overgedragen aan het ministerie van Nederlandse Cultuur die er een ontmoetingscentrum voor de hedendaagse kunst oprichtte.

Door het Koninklijk besluit van 22 april 1996 werd het overgedragen aan de Vlaamse Gemeenschap, en op op 24 mei 2004 in erfpacht gegeven aan de Stichting Vlaams Erfgoed . Eind 2012 trad deze stichting, ondertussen gewijzigd in Erfgoed Vlaanderen vzw, toe tot de nieuwe erfgoedkoepel Herita.

Interieur

Monumentale trapzaal met leuning in rocaille en in een nis het beeld “het moederschap”, vervaardigd uit witte marmer en getekend “Godecharle F. 1795”.

Beide salons op de benedenverdieping van de rechtervleugel aan de Meir-zijde zien er nog uit zoals ze waarschijnlijk ontworpen werden door Van Baurscheit. In het eerste salon zien we de oorspronkelijke lambrizering en plafond, met rode marmeren schouw in rococostijl; aan de wand hangen doeken met bijbeltaferelen (geschiedenis van Jozef) waarschijnlijk door B. Beschey (1708-1786). In het tweede salon vinden we het vervolg van de wanddoeken en grisailles door M. Geeraerts.

Het linkersalon aan de Meir-zijde werd eveneens door Van Baurscheit ontworpen met een rijke rococo-lambrizering. Het hierachter liggende vertrek, oorspronkelijk als eetkamer ontworpen, heeft eveneens een originele lambrizering.

Op de bovenverdieping volgen nog enkele salons elkaar op. Aan de rechterzijde eerst het zogenaamd “blauwe salon”, voornamelijk ingericht door Napoleon en Willem I in laat-Empirestijl en vervolgens de “Zaal der 17 Provinciën” (1829-1830, cf. supra); prachtige versiering van het plafond met de wapenschilden van elke provincie; op de wanden bas-reliëfs met de geschiedenis van onze gewesten. In de aanpalende zijvleugel zijn er twee opeenvolgende salons, de fumoir in Empirestijl naar ontwerp van Van Bree en de eetzaal, door Napoleon ingericht met een tapijt uit de savonnerie, daterend begin 19de eeuw. Hierachter bevindt zich de slaapkamer van de keizer (1812-1814) met originele parketvloer.

In 1905 laat Leopold II door architect Flanneau twee salons op de eerste verdieping ombouwen tot een grote galerij met tongewelf: de Spiegelzaal, een imposante ruimte voor feesten en banketten. (herhaling van voorgaande zin?) De zaal wordt prachtig gedecoreerd ter gelegenheid van de 75-jarige onafhankelijkheid van België. De caissons en panelen van het gewelf zijn versierd met Romeinse taferelen, trofeeën, palmetten, hoornen van overvloed en gestileerde blad- en bloemmotieven. De wanden krijgen gemarmerde Korinthische pilasters, bevatten rondbogen met deuren en vensters of spiegelvensters. Leopold II was ook vorst van de onafhankelijke Kongostaat. Verschillende motieven verwijzen ernaar. Het dubbele L-monogram met ster verwijst naar Leopold en de ‘Orde van de Afrikaanse ster’.

Salon van de 17 Provinciën

In oktober 1829 gaf Willem I aan de Antwerpse schilder en directeur van de Kunstacademie Matthias Van Bree de opdracht een kamer op de eerste verdieping in te richten als een representatieve ontvangstsalon. Van Bree ontwierp een iconografisch programma dat vooral de grootsheid van de Habsburgse Nederlanden en de Oranjedynastie moest benadrukken.

Op de wanden van het vertrek bracht hij vier historische basreliëfs aan. Op het plafond liet Van Bree rond de kroonluchter achttien wapenschilden aanbrengen (de Zeventien Provinciën en het Prinsbisdom Luik). In een fries bovenaan de wanden zijn in medaillonvorm 24 portretten van beroemde personages aangebracht.

Basreliëfs

Een eerste reliëf verbeeldt de eed van Claudius Civilis tijdens de opstand tegen de Romeinen, als voorbeeld voor Willem van Oranje die de Nederlandse opstand tegen de Spaanse koning Filips II leidde.

Een tweede reliëf toont het bezoek van de Russische tsaar Peter de Grote aan de scheepswerven in Zaandam in 1697. Hoewel de tsaar ook de Antwerpse scheepswerven had bezocht, werd toch gekozen voor Zaandam, wellicht omdat de zuster van de Russische tsaar Alexander I, Anna Paulowna, de echtgenote was van de Nederlandse kroonprins.

Het derde basreliëf toont het aanbieden van de Engelse kroon in 1689 aan stadhouder Willem III.

Het vierde en laatste toont de inhuldiging van koning Willem I in 1815. Dit na de slag van Waterloo, waardoor een deel van het huidige België onder de Nederlandse kroon kwam.

Wapenschilden 17 Provinciën

Op het plafond liet Van Bree rond de kroonluchter de wapenschilden aanbrengen van de 17 provinciën.

Over deze 17 Provinciën heerst enige verwarring, er waren er namelijk 2
En hier in het Paleis betreft het deze tweede periode.
Maar, wie goed telt ontdekt 18 wapenschilden. Het 18e Schild betreft het Groothertogdom Luxemburg, verbonden door een “personele unie”. Koning Willem I was groothertog van Luxemburg.
Medaillons

In een fries bovenaan de wanden zijn in medaillonvorm 23 portretten van beroemde personages aangebracht, vooral gelinkt met de geschiedenis van de Noordelijke Nederlanden en uitgevoerd door Jozef de Cuyper, nog een leerling van Van Bree. Niet toevallig kreeg keizer Karel V een prominente plaats naast Willem van Oranje en diens zoon Maurits. Koning Willem I vond immers dat zijn verenigende opdracht in de lijn lag van de politiek van de Habsburgse keizer.

Militairen en bevelhebbers

Kunstenaars en Wetenschappers

Vorsten over de Nederlanden